Uitgangspunten

Montessorimateriaal4Montessori-onderwijs is in sterke mate individueel onderwijs. Kinderen verschillen in aanleg en karakter. Elk kind moet de mogelijkheid geboden worden zich naar eigen aanleg en tempo te ontwikkelen. Montessori-onderwijs staat er borg voor dat elke individuele leerling een ononderbroken ontwikkelingsproces kan doorlopen. Naast de cognitieve ontwikkeling richt het onderwijs zich nadrukkelijk ook op de emotionele, sociale, culturele, creatieve en lichamelijke ontplooiing van elk kind. Een belangrijke veronderstelling, die binnen het Montessorionderwijs wordt gemaakt, is dat de opvoeding in de allereerste plaats "zelfopvoeding" moet zijn.

In de woorden "Leer mij het zelf te doen" is dan ook de kern vervat van wat Montessori-opvoeding en Montessori-onderwijs inhouden. Montessori ontdekte, dat het kind van nature uitermate actief is en zich "al doende" en "op eigen kracht" ontplooit. Het kind heeft een van nature aanwezige drang om te ontdekken en te leren. Het is opvallend, hoe modern zij met deze visie was. Dit "leer mij het zelf te doen" brengt met zich mee, dat het kind in zijn of haar ontwikkelingsproces een grote mate van vrijheid wordt gegeven.

De begrippen vrijheid van bewegen en vrijheid van keuze staan in dit opzicht centraal. Deze geboden vrijheden stimuleren het ontstaan van spontane belangstelling en maken het voor het kind mogelijk die spontane belangstelling ook te volgen, wat een belangrijke drijfveer is voor een optimale ontwikkeling. Van belang is, dat het kind leert de geboden vrijheid te waarderen en te hanteren. Daarom horen bij vrijheid afspraken: we praten zachtjes, we storen anderen niet, we hebben zorg voor het materiaal en de omgeving, etc. Ook wat betreft de keuzevrijheid van werken dient de leerkracht er uiteraard op toe te zien, dat deze in verhouding staat met de capaciteiten van het kind. Dit alles bevordert de zelfstandigheid, het zelfvertrouwen en het verantwoordelijkheidsgevoel. Montessori sprak in dit verband van "vrijheid in gebondenheid".

De ideeën van Maria Montessori zijn in de loop van de tijd natuurlijk aangepast en bijgesteld. De grondbeginselen zijn echter nog steeds volop van kracht. De hedendaagse opvattingen over "leren" wijzen op het grote belang van eerst handelend, waarnemend en ontdekkend bezig zijn. Pas daarna wordt overgegaan naar meer abstract leren. Deze lijn zit heel nadrukkelijk in het specifieke Montessorimateriaal.

De grondbeginselen, zoals door Maria Montessori geformuleerd, zijn nog steeds uitgangspunt voor ons onderwijs. Wij vinden echter ook dat we als Montessorischool oog moeten hebben voor en open moeten staan voor nieuwe inzichten en ontwikkelingen op onderwijsgebied. Waar mogelijk en wenselijk zullen wij deze inzichten en ontwikkelingen van harte binnen onze school weerklank laten vinden.